Onze Lieve Vrouw ten Hemelopneming

R.K. Parochie, Kampen

Inventaris Buitenkerk
Naar homepage van de parochie

Tiengebodenbord

Tien Geboden Bord
Dit bord boven de ingang is in 1963 ontdekt achter het orgel, waar het de afscheiding vormde tussen toren en kerk. Tien geboden bord
--> foto: december 2003 <--
Nadat in 1580 de protestanten de kerk in bezit hadden genomen en de aan de katholieke geloofsbeleving herinnerende inventarisstukken verwijderd waren, werd de toen kale kerk in later jaren weer aangekleed met voor de protestantse geloofsbeleving geëigende voorwerpen. Zo zal dit Tiengebodenbord zo rond 1640 een plaats in de kerk hebben gekregen. Het is onbekend waar het bord oorspronkelijk heeft gehangen.
 
Tien geboden bord
--> foto: Monumentenzorg 1972 <-- Na demontage van het orgel in 1963 bleken er op het verder geheel grijs/witte schot dat de afscheiding vormde tussen kerk en toren enkele gotische letters te staan. Na het verwijderen van de kalklagen bleek het te gaan om een Tiengebodenbord dat, vermoedelijk in 1809/1810, toen de kerk weer voor de katholieke eredienst werd heringericht, verzaagd was om de opening te dichten. De planken waren in willekeurige volgorde gebruikt en afgezaagd zodat er stukken ontbraken. De beide tafelen, waartussen geschilderde scharnieren, zijn wel geheel aanwezig. Aan de bovenzijde ontbreken delen en ook aan de onderzijde.
Aan de bovenzijde is, in verschillende kleuren, Mozes afgebeeld met links en rechts een op een bazuin blazende engel. Aan de onderzijde is een soort cartouche geweest, die nu niet meer compleet is.
De hoofdletters zijn geschilderd in goud, okerachtig geel, oranje en wit, de tekst zelf in wit.
 
Door restaurateur J.G. Kocken uit Utrecht werd in 1971 een vooronderzoek gedaan voor de restauratie van het bord. Hij bepaalde dat het bord rond 1600 moet zijn gemaakt. Een betere tijdsbepaling kon pas gedaan worden als het hele bord was schoongemaakt en de letters en de tekst waren beoordeeld. Het transport naar zijn atelier leverde echter teveel bezwaren op.
De opdracht tot restauratie van het bord werd in 1972 gegeven aan D.J. Schoonekamp uit Kampen. Het werk werd uitgevoerd volgens de methode die ook in Italië werd gebruikt voor dit soort restauraties: het missende hout weer aanvullen en in een iets lichtere tint kleuren dan de oorspronkelijke achtergrondkleur; de tekst en afbeeldingen alleen beschermen tegen verder verval, maar niet herstellen of bijwerken. Bovendien werd de doorzichtige bovenlaag verwijderd en vernieuwd. Het werk werd uitgevoerd door de heren Kurvers en Schoonekamp. Gemiddeld ruim dertien uur arbeid per vierkante meter.
 
Het gerestaureerde Tiengebodenbord werd in 1975 opgehangen boven de doorgang van het Zuidportaal.
Wijze van ophanging: Het bord is aan de achterzijde voorzien van houten regels met schuine kant; ook aan de muur zijn zulke regels vastgemaakt, en hierop hangt het bord aan de muur. Het is 6 meter hoog en 4 meter breed.
Terug naar boven


De tekst op het bord
Het gaat natuurlijk om de tekst uit Exodus 20, verzen 2-17, die ook nog eens herhaald worden in Deuteronomium 5, verzen 6-21.
Hieronder het resultaat van een poging om de bestaande tekst te lezen en te noteren in leesbaar schrift. Wellicht kan aan de hand daarvan bepaald worden welke bijbelvertaling is gebruikt voor de oorspronkelijke tekst. Plaatsen die op het bord (nog) niet herkenbaar of onleesbaar zijn, worden in de tekst weergegeven met ...
Het bord heeft een donkere achtergrond met witte (en rode en goudgele) letters. In deze transcriptie is gekozen voor zwarte (en rode) letters op een lichte achtergrond. Met de lettergrootte is geprobeerd aan te geven dat niet alle letters even groot zijn. Het is slechts een indicatie van de verschillen op het bord zelf.
Op het bord staan twee tafelen waarop de geboden zijn geschilderd. Op de linker tafel staat de tekst tot en met gebod IIII (vier) en vanaf gebod V (vijf) staat de tekst op de rechter tafel. In onderstaande tekst is elke nieuwe regel op het bord ook op een nieuwe regel op het beeldscherm gezet.
In de oude taal worden soms woorden afgekort. Dit is herkenbaar aan een tilde (~) op de laatste letter van een woord. Helaas kent niet elke tekstverwerker een 'e' met een tilde. Daarom heb ik voorlopig gekozen voor een onderstreping van de betreffende letter in dat soort situaties.
 
Oorspronkelijke tekst op het bord
    I
Ick ben die Heer
uwe Godt die u uit Egypten
landt uit den diensthuyse ge
leydt hebbe Ghy en sult gheene
ander gode voor mijn aengesicht hebbe
    II
Ghy en sult u gheen beelde
noch gee gelyckenisse maeke noch va
gene dat bove in de Hemel is noch va tgene dat
onder den Aerde is noch va tgene dat int Water
onder aerde is en buijcht u voor de niet noch
en dientse niet want ick be de Heer uwe Godt sterck
en ijverich die de misdaet der Vadere besoecke ae de
kindere tot in dat derde en vierde lidt der gener die
mij hate en doe barmhertigheijt ae veel duysenden
die my liefhebbe ende mijne geboden houden
    III
Ghij en sult den name des Hee
re uwes Gods niet te vgeefs oft licht
veerdichtich gebruicke want de Heere en sal hem
niet ongestraft late die syne name misbruijckt
    IIII
Sijt gedachtich des Sab
batsdach dat ghij dien heyliget Zes daghen sult
ghy arbeyden ende alle uwe werken doe maar
den sevenste dach is de Sabbath des Heere uwes
Gode da sult ghij gene arbeyt doe noch u So
... Dochter noch u Kneght noch u Denst
maecht noch u Vee noch De vreemdelinck die in
uwe statpoorte is want in ses dage heeft die Heere
... en ... ghemaeckt en die see en al datter in
... sevenste dach .rom segh...
... en heijlichde den sel...
    V
Ghij sult u Vader
ende Moeder eeren op dat ghij lan
ghe leeft in den lande dat u die Hee
re uwen Godt gheven sal
    VI
Ghij en sult niet doode
    VII
Ghij en sult niet eebreke
    VIII
Ghij en sult niet steelen
    IX
Ghy en sult gheen valsche
ghetuijghenis spreken teghe uwe naeste
    X
Ghij en sult n... Bege
ren uwes naesten h... ...ij en sult
niet begheren uw ... Wijf
noch sijnen Kn... ...och sijn
Dienstmaghet, n... ...n Osse
noch sijn E... ...
eenich dinch dat ... heeft
 
Zoals reeds is aangegeven moet dit bord rond 1600 zijn gemaakt en omstreeks 1640(?) in de kerk zijn opgehangen. Voor de tekst is een bijbelvertaling gebruikt die ouder is dan de eerste druk van de Statenvertaling. Die verscheen immers voor het eerst in druk in 1637. Voor kenners van de Statenvertaling is ook direct duidelijk dat deze tekst ouder is.
 
Het is maar de vraag of het bord is gebaseerd op een specifieke bijbelvertaling. Bij het bekijken van een aantal Tien-Gebodenborden uit het begin van de zeventiende eeuw blijken ze allemaal verschillende versies te hebben. Kennelijk zijn er locale varianten in omloop en is de tekst niet letterlijk gebonden aan een specifieke bijbelvertaling. Toch blijf ik verder zoeken naar een zo goed mogelijk passende bijbelvertaling.
 
In een gedicht uit 1619 van Constantijn Huygens (1596-1687) over de tien geboden staan ook de betreffende bijbelversen vermeld. Deze zijn weer net iets anders geformuleerd. Mogelijk is de tekst op het tiengebodenbord ouder of meer oostelijk dan de tekst die door Constantijn Huygens werd gebruikt. Hieronder geef ik als referentie die regels weer, ook al is mij ook hier niet bekend uit welke bijbelvertaling deze regels stammen.
 
Uit:
CHRISTELYCKE BEDENCKINGEN OVER DE THIEN GEBODEN DES HEEREN.
TOT VERVOLGH OP DE VOORGAENDE VERCLARING VANDE
XIJ. ARTICULEN DES CHRISTELYCKEN GELOOFS
 
I.
2. Ick ben de Heer uwe Godt, die u uyt Egyptenlandt, uyt den diensthuyse gheleyt hebbe.
3. Ghy en sult gheen ander Goden voor mijn aengesicht hebben.
II.
4. Ghy en sult u gheen beelden noch gheen ghelijckenisse maecken, noch van 'tghene dat boven inden Hemel is, noch van 'tghene dat onder op der aerden is.
5. En buycht u voor die niet, noch en dientse niet, want ick ben de Heere uwe Godt, sterck ende yverich, die de misdaet der Vaderen besoecke aen den kinderen, tot in het derde ende vierde lidt, der ghener die my haten.
6. Ende doe bermherticheyt aen veel duysenden, der ghener die my lief hebben ende mijne Gheboden houden.
III.
7. Ghy en sult den name des Heeren uwes Godts niet te vergheefs oft lichtveerdelick gebruycken. Want de Heere en sal hem niet onschuldich houden noch onghestraft laten, die sijnen name misbruyckt.
IV.
8. Zijt ghedachtich des Sabbath-daechs dat ghy dien heylighet.
9. Ses dagen sult ghy arbeyden, ende alle uwe wercken doen.
10. Maer den sevensten dach is den Sabbath des Heeren uwes Godts: Dan sult ghy geenen arbeyt doen, noch u Sone, noch u Dochter, noch u Knecht, noch u Dienstmaecht, noch u Vee, noch de Vreemdelinch die in uwe Stadt-poorten is.
11. Want in ses daghen heeft de Heere Hemel ende Aerde ghemaeckt, ende de zee, ende all datter in is, ende hy rustede den sevensten dach, daerom seghende de Heere den Sabbath-dach, ende heylichde den selven.
V.
12. Ghy sult u Vader ende uwe Moeder eeren, op dat ghy langhe leeft opter aerden, ende dat het u wel gae inden lande dat u de Heere uwe Godt gheven sal.
VI.
13. Ghy en sult niet dooden.
VII.
14. Ghy en sult niet echtbreken.
VIII.
15. Ghy en sult niet stelen.
IX.
16. Ghy en sult gheen valsche ghetuyghenisse spreken teghen uwen naesten.
X.
17. Ghy en sult niet begheeren uws naesten huys. Ghy en sult niet begheeren uwes naesten Wijff, noch sijnen Knecht, noch sijn Dienstmaecht, noch sijnen Osse, noch sijnen Ezel, noch eenich dinch dat uwen naesten heefft.

Dit bord heeft geleid tot een verder onderzoekje naar nederlandse versies van De Tien Geboden. Zie hier voor dit project.

Terug naar boven


Hypotheses en toevalligheden dus openstaande vragen

Mogelijke herkomst van het bord

De herkomst van dit bord blijft voorlopig nog verborgen in de geschiedenis. Toch lijken er aanwijzingen te zijn die ons meer kunnen vertellen over de vroegste verwijzing naar dit tiengebodenbord.
 
In het boek "Geschiedenis van Kampen", deel 1, staat een bijdrage van Prof. Dr. F. van der Pol met de titel "Kerkelijke geschiedenis: Middeleeuwen en Reformatie". Op bladzijde 143 komen we daar een foto tegen van het tiengebodenbord dat in de Buitenkerk hangt. Het fotobijschrift luidt: 15. Houten wandbord in de Buitenkerk, met daarop de "Tyen Geboden mitt gulden letteren". Op pagina 142 wordt vermeld dat een begin wordt gemaakt met het inrichten van de parochiële hoofdkerk. Uit de rekeningen van de kerkmeesters van de Bovenkerk van half juli 1580 wordt onder andere de volgende informatie gehaald. Aan de muren kwam een houten wandbord waarop "de Tyen Geboden mitt gulden letteren".
Helaas is het mij nog niet duidelijk of deze laatste verwijzing slaat op het bord dat nu in de Buitenkerk hangt. Waarop is het gebruik van dezelfde tekst bij de foto gebaseerd?
 
De basis voor de bovenstaande bijdrage is het boek "De Reformatie te Kampen" dat door F. van der Pol is geschreven in 1990 als Proefschrift voor de Theologische Universiteit van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt), Kampen. Op pagina 303 en 304 staat: Wolter Crachtsz krijgt opdracht om op een houten wandbord 'de Tyen Geboden mitt gulden letteren' te maken. Ook zal hij maken 'de ander twe taeffrilen mit het Vader Onse ende 't Gelove'. Hierbij wordt verwezen via noot 80 naar OA 1332, fol. 91, 95. (Oud Archief van Kampen).
In het boek heb ik geen aanwijzing gevonden dat het betreffende tiengebodenbord later naar de Buitenkerk is overgebracht.
 
Op een foto uit 1972 van Monumentenzorg staat een tiengebodenbord in de Bovenkerk waarop het jaartal 1634 staat en rechtsonder een monogram AVK. Dit bord wordt momenteel gerestaureerd, samen met een gebedenbord (Jacobus 1:21-22) dat van dezelfde hand is maar geen monogram of jaartal heeft. Tegen november/december 2006 zullen ze weer aan de zuidelijke westmuur van de Bovenkerk hangen, links van het orgel. In de Lemkerzaal in de Broederkerk hangen nog twee gebedenborden met hetzelfde jaartal en hetzelfde monogram (AVK), de ene met de instellingswoorden (Mattheus 14:22-24 met 1 Corinthiers 10:16) en de andere met de geloofsbelijdenis. Die borden hebben waarschijnlijk in de Bovenkerk aan de noordelijke westmuur (dus rechts naast het orgel) gehangen, maar zijn verwijderd toen daar de roosters voor de verwarming werden geplaatst. (De gegevens over deze vier borden staan in een inventarisatie van inventarisstukken uit 1983 van de Hervormde Gemeente die ik heb ingezien in het Kerkelijk Bureau van de Hervormde Gemeente.)
Zou het mogelijk zijn dat het oude tiengebodenbord rond 1634 is overgebracht van de Bovenkerk naar de Buitenkerk?
Het kan ook zijn dat het bord pas in 1640 in de Buitenkerk is terechtgekomen toen voor het eerst in twee kerken (Bovenkerk en Buitenkerk) catechesatie werd gegeven.
Nog een andere mogelijkheid is dat het nieuwe bord pas in de Bovenkerk is gekomen nadat die kerk, samen met de Broederkerk, weer kort in katholieke handen was geweest in 1672-1673. Mogelijk is toen het oude tiengebodenbord uit de Bovenkerk verdwenen en bleek er een nieuw (tweedehands) bord nodig te zijn?
Helaas is het handschrift in de rekeningen van de kerkmeesters uit die tijd heel moeilijk leesbaar voor een leek.
 
Ondertussen zou ik al blij zijn met een afbeelding van het interieur van de Bovenkerk uit de periode 1580-1680 waarop (in de achtergrond) een tiengebodenbord hangt. Daarmee zou kunnen worden aangetoond dat de bovenstaande hypothese een grond van waarschijnlijkheid heeft.
Élke afbeelding uit de zestiende en zeventiende eeuw van het interieur van de Kamper kerken met een tiengebodenbord zou ik met belangstelling willen bestuderen. Andere aanwijzingen zijn ook welkom.

Andere toevallige overeenkomsten?

Aan de bovenkant van het bord staat een afbeelding van Mozes die de tafelen vasthoud, geflankeerd door twee muziekmakende engelen die uit de wolken tevoorschijn komen.
In de hervormde kerk in Wadenoyen hangt een omvangrijk tiengebodenbord uit 1711. De namen van de timmerman en de schilder zijn onderaan de zijpanelen geschilderd. Ook hier houdt een Mozes-figuur de beide tafelen met de tien geboden vast, de engelen ontbreken. Qua houding, formaat en stijl lijkt deze figuur als twee druppels water op de Mozes-figuur op het bord in de Buitenkerk. Het tiengebodenbord uit Wadenoyen staat op een afbeelding op pagina 270 in het boek "Een huis voor het Woord" van C.A. van Swigchem, T. Brouwer en W. van Os (Staatsuitgeverij, s' Gravenhage, 1984)
Op de internet-site van het Joods Historisch Museum kwam ik ook nog een afbeelding tegen van een "bidprentje" uit 1750-1800. Ook dit is een afbeelding van de tien geboden die door Mozes worden vastgehouden, deze keer geflankeerd door twee putti (kleine vrijwel naakte jongetjes) met attributen en instrumenten. Deze Mozes heeft weer dezelfde houding als op bovenstaande beide tiengebodenborden.
Ook op de site van een restaurateur ben ik een afbeelding tegengekomen van een schilderij, olieverf op paneel, uit de 16de/17de eeuw. Hierop staat Mozes ook weer achter twee tafelen met de tien geboden. De stand van de handen is een fractie anders en ook de stof van de mantel lijkt "rijker" dan in de andere afbeeldingen. Ook hier zijn geen flankerende figuren.
Op de achterkant van een folder voor een tentoonstelling van 28.11.2006 tot 15.04.2007 in het Armando Museum in Amersfoort lijkt exact hetzelfde schilderij te staan. Deze keer wordt verwezen naar het schilderij Mozes en de stenen tafelen uit 1600-1624 van een anonieme schilder. Dit schilderij komt uit de collectie van het Museum Catharijneconvent in Utrecht. Het kost enig zoekwerk om toch te kunnen zien dat het in deze laatste twee gevallen om verschillende werken gaat.
Zou er een gemeenschappelijke bron zijn voor deze houding van Mozes en de tafelen?
 
Ook hierbij geldt dat het opsporen van de oorsprong van deze afbeeldingen een aanwijzing kan zijn voor de leeftijd van het tiengebodenbord in de Buitenkerk. Daarnaast is het vooral leuk om te weten waar de lokale schilders hun inspiratie vandaan haalden. Als iemand de Mozes-figuur en engelen herkent als (onderdeel van) een kunstwerk, zou ik heel graag ook daarvan een melding krijgen.

Hergebruik van het bord

Het is duidelijk dat het bord in stukken is gezaagd en gebruikt om de afscheiding te vormen tussen kerkruimte en toren. Algemeen wordt aangenomen dat dat is gebeurd kort nadat de kerk weer in katholieke handen is gekomen, dus rond 1809/1810. Er zijn echter nog geen aanwijzingen gevonden in de archieven waarin dit wordt bevestigd.
Het is dus best mogelijk dat het bord al eerder is herbruikt. Omdat de laatste decennia van de achttiende eeuw de kerk voornamelijk als begraafplaats werd gebruikt, zal er geen grote behoefte meer zijn geweest aan een tiengebodenbord. In de laatste jaren van de achttiende eeuw werd de kerk zelfs gebruikt als een paardenstal, eerst door de terugtrekkende/vluchtende duitse en staatse troepen, daarna door de franse troepen.
Een andere optie is dat het bord gewoon is blijven hangen en pas later is gebruikt voor afdichting tussen kerk en toren. In 1874 is bijvoorbeeld het orgel naar achteren verplaatst. Het bord zou ook toen verzaagd kunnen zijn.
 
Een verwarrende aanwijzing kan ook nog komen van het pedaalwelbord dat in 1963 bij de restauratie van de kerk en demontage van het orgel is gevonden. Dit blijkt een deel te zijn van een twaalfartikelenbord. Deze vondst zou kunnen duiden op een gelijktijdig hergebruik van zowel tiengebodenbord als twaalfartikelenbord. In dat geval moeten we zoeken naar een periode waarbij wezenlijke akties aan orgel en scheiding tussen kerk en toren worden uitgevoerd. Maar misschien is deze hypothese iets te vergezocht.

Terug naar boven

 

-- * --